Na mijn pensioen kwam ik bij toeval wat oude familieboeken tegen met het begin van een Kloppenborg stamboom. Na wat opzoeken op het internet begon wat bijna een verslaving werd: de zoektocht naar mijn voorouders. Zoals zovelen was de eerste vraag: stam ik van Karel de Grote af?

Met behulp van online familiestambomen zoals Myheritage, Familysearch, Geneanet en Geni gaat het snel. Een imposante boom is gauw gemaakt, en, hoe is het mogelijk, Karel de Grote is daar. Helaas blijkt bij een nadere beschouwing het toch niet zo mooi te zijn. Velen voor mij hebben ruime fantasie gehad. Verdere studie leert veel over de geschiedenis: er zijn rangen en standen, en mobiliteit ertussen was vrijwel onbestaand. Er zijn soevereine adel, gewone adel, vrije burgers en horigen, met daarin subtiele gradaties. Bijna alle huwelijken zijn tussen gelijk niveau. Erfrecht speelt ook een rol: soms wordt alles verdeeld, maar bij mijn voorouders was vaak het Saksische erfrecht van toepassing: één kind krijgt de titel, het land en de baan, de anderen kunnen als ze geluk hebben soldaat of priester worden.
Iets minder ambitieus na deze lessen, besloot ik de oudste voorouder met de naam Kloppenborg te zoeken. Het begin was makkelijk: de familie Drenth had in de jaren 70 al een stamboom vanaf ongeveer 1680 gemaakt. Deze begon met een Herman-Johan Kloppenborg in Freren, in Emsland, in het noordwesten van Duitsland, niet ver van de Nederlandse grens. Freren ligt ongeveer 25 kilometer ten zuidwesten van Lingen en ongeveer 40 kilometer ten noorden van Osnabrück.
In vijftig jaar is genealogie een stuk makkelijker geworden. De Duitse katholieke kerkboeken staan nu online en ook vele archieven zijn vanaf huis doorzoekbaar.
Een nieuwe les kwam bij het zoeken: namen zijn niet altijd hetzelfde geschreven. Veel was phonetisch en hing af van het dialect. In het niederdeutsch Cloppenborg en in Saterfries Kloppenbuurich. Toch had ik nog geluk: velen hadden geen familienaam voordat Napoleon dit verplichtte in 1808. Zij werden genoemd als zoon van hun vader, bijvoorbeeld Jan Hendriksen. Een familienaam was iets voor de adel en de hogere sociale klasse. Al snel bleek dat de familie Kloppenborg in Freren de burgemeestersfamilie genoemd werd. Jarenlang kwam de burgemeester uit deze familie.
Alef, stamvader van de Kloppenborg stamboom
Zoals gezegd, honderden jaren lang was er weinig sociale mobiliteit. Het lag dus voor de hand dat ook Kloppenborg familieleden voor 1680 openbare ambten bekleed hadden. Een document van Hans Taubken was zeer nuttig. Hij beschreef het gebruik van Nederlands en Duits van ambtsdragers en gebruikte het archief van de familie Kloppenborg uit Freren. Inderdaad bleken personen met de naam Kloppenborg in meerdere steden burgemeester geweest te zijn rond 1600. Hij beschreef ook de rechters en gograven, een soort sheriff van een bos. Rond 1550 was Alef Beckenbrock genoemd Kloppenborch in Freren rechter geweest. Al snel bleek er heel veel over deze Alef te vinden. Zoektochten in de archieven van NRW en Arcinsys gaven veel resultaten. Er was zelfs een document met een Kloppenborg stamboom met stamvader Alef. Dit bleek de link met Herman-Johan Kloppenborg uit 1680 te zijn.
Alef en zijn eerste generaties nakomelingen leefden in een harde wereld vol oorlog en armoede, met een constante geloofsstrijd tussen katholieken en protestanten. De familieleden die protestants werden, bleven lid van de regentenklasse. Zij die koppig katholiek bleven, hadden het zwaar, maar wisten zich soms door handel te handhaven.
In de VOC archieven zijn twee nakomelingen van Alef te vinden: een was opperkoopman en stierf als ondergouverneur van Kaapstad. De ander, zijn achterneef, stierf als matroos.
Deze site beschrijft hun verhalen.
