Een boerenzoon die kon schrijven kon priester worden, in een klooster gaan, of gaan werken als notaris, schrijver of schoolmeester.
Beroepen
De waarschijnlijkste loopbaanpad voor een geletterde boerenzoon leidde naar de georganiseerde kerk. Jongere zonen van welgestelde families (“zonen uit de adel en zonen van herenboeren”) werden vaak naar kloosters en kapittels gestuurd. Alef heeft dit niet gedaan, waarschijnlijk omdat een andere broer deze weg al ging.
Een alternatief (mogelijk lucratiefer) pad was in schrijven en administratie. Door de late 15e eeuw groeiden bureaucratische noden aanzienlijk. Hertogen, graafschappen, bisschoppen, steden—allemaal hadden zij schrijvers nodig.
Notaris: Dit was de meest aanzienlijke niet-kerkelijke route. Een notaris was oorspronkelijk een “schrijver” met een vrij beroep die binnen bepaalde grenzen noteerde wat anderen van hem vroegen. Door vormvereisten en toelating tot het ambt maakten notarissen hun akten juridisch waardevol. Voor een boerenzoon met schrijfvaardigheid kon dit bereikbaar zijn, hoewel het verdere juridische training vereiste. Een notaris verdiende aanzienlijk—in de vroegmoderne periode varieerde jaarinkomen rond 500 gulden. Er zijn echter geen aanwijzingen dat Alef zijn loopbaan hiermee begon.
Schriftuurkunde en Gerechtsschrijver: Minder geprestigeerd maar heel praktisch was werk als schriftuurkunde (schrijver van officiële documenten) of gerechtsschrijver. Deze ambten waren veel voorkomend in stads- en graafschapbesturen.
Secretaris van Magistraat: Grotere plaatsen hadden secretarissen nodig—het zou voor een getalenteerde schrijver mogelijk zijn om deze weg op te gaan, vooral als hij ook rekenvaardigheid bezat.
Mogelijkheden in de buurt
Het Beckebrock boerenhof was gelegen in de plaats Bartmannsholte, in Essen, 9 km noord van Quakenbruck, 14 km zuid van Cloppenburg en 25 km west van Vechta.
Voor Alef is in de buurt weinig te zoeken; de steden in de buurt waren klein en in verval:
Essen, Cloppenburg
Essen was niet veel meer dan een verzameling boerendorpen, met zelfs in 1769 maar ongeveer 300 grote en kleine boerderijen.
Quakenbrück, Osnabrück
Quakenbrück is een voormalige burgmanstad en diende in vroegere tijden het Bisdom Osnabrück als noordelijke beveiliging. Burgmannen verdedigden met hun in totaal tien burgmanshoven de voormalige bisschoppelijke landburcht aan de Hase. Zij behoorden tot de lagere adel. Na 1400 nam het kasteel Cloppenburg de verdediging over en verloor Quakenbrück veel van zijn nut en nam het belang van de Burgmannen geleidelijk af.
In 1500 had Quakenbrück ongeveer 1100 inwoners. De naam Beckebrock komt niet voor op de lijst van burgmannen maar drie personen met de naam Beckebrock zijn terug te vinden op de burgerrollen van de stad Quakenbrück. Zij zijn ingeschreven als vrije burgers: Lubbeke to Beckebroke is burger in 1462; Bernd en Wylleke Beckebrock zijn burger in 1517. Lubbeke is waarschijnlijk dezelfde als Lubbert, die verschillende malen als borg optreedt. Lubbert heeft in 1491 een huis in Quakenbrück. Opvallend is dat in 1517 Lubbert op de lijst genoemd wordt voor Johan Rogge, de notaris. Hij heeft dan dus een hogere status. Wylleke Beckebrock is laatste op deze lijst. Alef staat er niet bij.
Vechta, Münster
Vechta is ook een Burgmanstad. In 1504 vielen er door de pest 600 doden. Naamgenoot Alef Ellinghausen (Ellyngehusen), is rechter in Vechta in 1505. In 1538 waren er 1200 inwoners, maar werd tijdens een conflict tussen de bisschop van Münster en de graaf van Oldenburg de stad en het kasteel afgebrand. Ook hier geen Beckebrock, maar afstammelingen van Alef werken hier na 1700 als rechter en voogd.
Cloppenburg, Münster
Alhoewel nog geen echte stad was Cloppenburg het administratieve en bestuurscentrum. De naam Beckebrock komt er niet voor onder de burgman families. Cloppenburg had in 1498 slechts 290 inwoners. In het licht van de naamsverandering naar Cloppenborch is het waarschijnlijk dat Alef zijn loopbaan hier begon, vermoedelijk als klerk, bode, rentmeestersknecht of schoutsknecht.
Mogelijk was hij in dienst van de drost van Cloppenburg, Dietrich Morrien, een lid van het invloedrijke adellijke geslacht Morrien uit Westfalen, gezien de transacties die Alef later uitvoert voor Everhard Möring, ambtmann van Fürstenau en lid van dezelfde familie.
