Tussen 1519 en 1528 bevond Noordwest-Duitsland zich in een periode van politieke en religieuze omwenteling binnen het bredere kader van het Heilige Roomse Rijk. De spanningen tussen geestelijkheid, stedelijke elites en landsheren namen toe. De regio ontwikkelde zich in deze jaren tot een politiek versnipperd en confessioneel steeds meer verdeeld landschap, waarin territoriale machthebbers hun positie probeerden te consolideren te midden van keizerlijke rivaliteiten en religieuze breuklijnen.
1519: Karel V wordt keizer van het heilige roomse rijk

In 1519 overleed keizer Maximiliaan en werd Karel V Rooms-Duits keizer. De benoeming gebeurde na een verkiezing waarbij alleen de keurvorsten mochten stemmen. Koning Frans I van Frankrijk presenteerde zichzelf als tegenkandidaat bij deze verkiezing. Vóór zijn dood had Maximiliaan al 500.000 florijnen aan de keurvorsten beloofd in ruil voor hun stem, maar Frans bood tot drie miljoen, waarna Karel terug sloeg door grote bedragen te lenen van bankier Jakob Fugger.
De uiteindelijke uitkomst werd echter niet bepaald door exorbitante bedragen aan smeergeld. De algemene weerstand onder de bevolking tegen een Franse keizer zorgde ervoor dat de keurvorsten niet onmiddellijk besloten. Toen Karel een leger op de been bracht in de buurt van Frankfurt waar zij vergaderden, kozen zij hem uiteindelijk op 28 juni 1519 tot Rooms koning en toekomstige keizer.
Keizer Karel V, werd geboren in Gent op 24 februari 1500. Hij was een telg uit het Huis Habsburg. Vanaf 1506 tot 1555 was hij de landsheer van uiteindelijk (vanaf 1543) alle Nederlandse gewesten, van 1516 tot 1556 als Karel I koning van Spanje. De landen waarover hij regeerde, het Spaanse Rijk, vormden tezamen het grootste Europese rijk sinds dat van Karel de Grote. Feitelijk was zijn gehele rijk, dus inclusief de Amerikaanse en Aziatische gebieden, zelfs groter dan het vroegere Romeinse Rijk.
Hoewel het keizerschap het hoogste wereldlijke ambt van het christelijke Europa was, was de feitelijke macht ervan sinds 1300 zeer gering geworden. Met de keuze van Karel V tot keizer veranderde dit drastisch en werd het vrij symbolische gezag van het oude Roomse keizerschap nog eenmaal van echte betekenis. Met zijn rijke erflanden (o.a. de welvarende Lage Landen en Spanje met zijn rijke Amerikaanse en Aziatische bezittingen), had Karel namelijk de financiële middelen om grote legers te mobiliseren en kon hij hierdoor het gezag van het keizerschap voorzien van feitelijk macht, niet alleen in de Duitse gebieden, maar in heel Europa. Opgevoed in de ridderlijke traditie van het Bourgondische hof, zag Karel V zich ook diep en religieus geroepen om de taken van het keizerschap op zich te nemen en uit te voeren. Dit zou ook voor Lingen en de Kloppenborg familie grote gevolgen hebben.
1520: Verdere strijd met Münster
Bisschop Erich beweerde dat hij de bij de inname van Lingens op het kasteel aanwezige roerende goederen had teruggegeven en het kasteel van voldoende proviand had voorzien. Daartegenover verklaarde graaf Nikolaus dat het gestolen geld en de juwelen van zijn moeder en zijn vrouw niet aan hem waren teruggegeven. Onderhandelingen in Orsoy en Essen brachten geen overeenstemming in deze kwestie. Daarom voelde graaf Nikolaus zich gerechtigd tot een overval op kooplieden om zijn eisen kracht bij te zetten. Toen bisschop Erich hierover bij keizer Karel V. klaagde, gaf deze op 20 november 1520 een ernstige waarschuwing aan hertog Johan, graaf Nikolaus’ beschermer. Hij moest graaf Nikolaus verhinderen dergelijke handelingen te verrichten. De keizer riep de hertog op om graaf Nikolaus niet langer te helpen en dreigde anders in te grijpen. Hertog Johan wilde zich niet de ongenade van de keizer op de hals halen vanwege graaf Nikolaus en stopte daarom met het steunen van de graaf.
Dit bracht graaf Nikolaus ertoe om naar een andere beschermheer te zoeken. Echter was er eerst een andere dringende bedreiging af te wenden.
1521 – 1525: de reformatie wordt politiek
De leer van Maarten Luther, sinds 1517 in omloop, verspreidde zich snel via steden, universiteiten en handelsnetwerken.
In 1521 werd Luther op de Rijksdag van Worms in de rijksban gedaan en vogelvrij verklaard. In Noordwest-Duitse steden, vooral handels- en Hanzesteden, vonden zijn ideeën gehoor. Het religieuze debat werd nu ook een bestuurlijke kwestie voor stedelijke raden en landsheren. In de bisdommen Münster en Osnabrück ontstonden spanningen tussen geestelijkheid en stedelijke elites, en tussen traditionele kerkelijke structuren en hervormingsgezinde predikers.

Uit economische gronden, en opgezweept door predikers van nieuwe religies, kwamen in het zuiden van Duitsland vele boeren en lage edelen in opstand. De boeren eisten onder andere de afschaffing van de lijfeigenschap en vermindering van verplichte diensten en belastingen. De opruiende preken leidden al snel tot plunderingen, moord en brandstichtingen. Honderden kastelen en kloosters werden deels of zelfs volledig vernietigd. Nadat in 1525 tijdens Pasen 6000 boeren een bloedbad hadden aangericht, besloot Martin Luther de boeren te veroordelen, en riep op tot een totale vernietiging van de boeren. Hij hoopte zo ook steun van de adel voor zijn beweging te krijgen. Verschillende edelen verzamelden troepen om het oproer neer te slaan. Ondersteund door de Augsburger koopmansfamilie Fugger (die ook behulpzaam bij de verkiezing van keizer Karel was geweest) werd een leger van 9000 landsknechten en 1500 gepantserde ruiters belast met de opdracht de meestal met zeisen en dorsvlegels gewapende boeren neer te slaan. Het werd een slachting die pas eindigde toen een gebrek aan boeren problemen voor de adel veroorzaakte. Naar schatting werden 70.000 boeren gedood, ongeveer 0.5% van de totale bevolking van Duitsland.
Boeren in het Rooms-Duitse Rijk verloren elk statuut en velen werden eigendom van de landheer; dit zou duren tot in de 19e eeuw. De vorsten met grote territoria namen de invloed over van de kleine landadel, die nog meer verpauperd was dan voorheen door de aangerichte vernielingen. Het volkse karakter van de reformatie werd omgezet in een strijd van edelen.
Maarten Luther
In het noorden bleven zowel de Bisschop van Munster als graaf Nikolaus katholiek. Alle opstanden werden direct in de kiem gesmoord, vermoedelijk met de hulp van Alef Kloppenborg, die hier later voor beloond werd.
1526: Overdracht graafschap Lingen aan hertog Karel van Gelre
Toen in 1526 de boerenopstand voorbij was, werd het gebrek aan bescherming van graaf Nikolaus weer een probleem. Hij besloot tot een drastische maatregel. Op 24 mei 1526 droeg hij het graafschap Lingen over aan hertog Karel van Gelre, en werd diens leenman. Hertog Karel van Gelre, die de Franse koning steunde, hoefde geen rekening te houden met de keizer. Hij en zijn voorouders stonden traditioneel in een gespannen verhouding tot de familie van Keizer Karel.
Omdat graaf Nikolaus slechts de vruchtgebruiker was van Lingen, was de overdracht niet rechtmatig, maar later toch grote gevolgen hebben.
1527-1528: Karel van Gelre verliest de strijd
Keizer Karel V was gedurende zijn hele leven in oorlog met Frankrijk. Hertog Karel van Gelre, de leenheer en eerdere beschermer van graaf Nicolaas van Lingen had een alliantie met Frankrijk, en was een vijand. Toen in 1527 opstandige burgers van Utrecht steun vroegen aan Karel van Gelre, stuurde deze troepen. Keizer Karel V greep in, veroverde in 1528 Utrecht en ging door met de strijd tegen Gelre. De hertog was gedwongen tot onderhandelingen.
De Vrede van Gorinchem (ook Verdrag van Gorinchem) is een verdrag dat op 3 oktober 1528 te Gorinchem zou worden getekend. De overeenkomst moest een einde maken aan de Gelderse Oorlogen, die werden gevoerd tussen Karel van Gelre en keizer Karel V van Habsburg.
In de overeenkomst werd bepaald dat Karel van Gelre zijn landen in leen van Keizer Karel zou krijgen en erfheer zou blijven van Groningen en de Ommelanden en van Drenthe. Ook stond in het verdrag dat zijn gebieden aan de keizer zouden vervallen, zo gauw de hertog kinderloos zou sterven. Voor Graaf Nicolaas IV van Lingen betekende dit dat hij een onderleenman van de keizer werd.
->->-> Alef wordt gograf
