Graaf Conrad I

Graaf Nicolaas stierf in 1541. Zijn neef Conrad I (Cord) erfde het graafschap Lingen en voegde het samen met Tecklenburg. Fye Engelbert, reeds rechter van Tecklenburg, werd voortaan ook rechter van Lingen. Alef bleef rechter van Freren.

Conrad I overtrof zijn voorgangers in hardheid en roekeloosheid. Zijn bijnaam was niet voor niets de dolle Cord. Reeds op 21-jarige leeftijd zette hij zijn vader gevangen om zelf de macht over te nemen. Pas na druk van zijn zuster en andere familieleden liet hij hem vrij. In 1541 herhaalde hij dit machtsmisbruik: onder het voorwendsel dat zijn broer Otto krankzinnig was geworden, liet hij ook hem opsluiten. Pas na Conrads dood kwam Otto weer vrij.

Ook tegenover zijn onderdanen trad Conrad willekeurig op. Zonder acht te slaan op oude rechten en vrijheden behandelde hij zijn inwoners als persoonlijke lijfeigenen en dwong hen tot herendiensten.

Daarnaast erkende hij de historische grenzen niet en maakte aanspraak op gebied van Fürstenau. Hij gaf Alef opdracht het kappen van hout in het Settruper Woud door inwoners van Fürstenau te verhinderen. Daarop sloeg drost Switert van Bockel — opvolger van de drost die Alef eerder had gevangengenomen — terug met een troepenmacht van ongeveer honderd ruiters en duizend man voetvolk. Alef wist te ontkomen, maar zijn huis in Freren werd geplunderd.

Conrad was reeds sinds 1525 aanhanger van het lutheranisme en bevorderde de Reformatie in het graafschap Lingen. Hij nam katholieke kerkgoederen in beslag en schonk deze aan vertrouwelingen. Katholieke priesters werden verplicht te trouwen. Toch was de Reformatie in Lingen geen groot succes: het merendeel van de bevolking bleef katholiek.

In 1546 sloot graaf Conrad zich aan bij het Schmalkaldische Verbond van protestantse vorsten. Keizer Karel V verklaarde hem daarop in de rijksban en gaf opdracht het graafschap te bezetten.

->->->

Scroll naar boven